Magische Muziek

Posted Dec 18, 2008 by bernauw / comments 0 comments / Print / Font Size Decrease font size Increase font size

Over onderaardse gangen, een schat, en monsters, en de magische muziek van een straatmuzikant. Een heerlijke sage uit Sint Pauwels, bij Sint Niklaas.

Op een mooie middag zitten een notaris en een aannemer gedempt met elkaar te praten. Op die twee na, bevinden zich in de herberg alleen nog de waard en een jonge, haveloze vreemdeling. Hij zit te dutten aan een tafeltje, waarop een kistje ligt.

‘Omdat er in die onderaardse gang tussen het kasteel en het klooster een formidabele schat verborgen ligt!’ roept de notaris plotseling uit. ‘Daarom moet je erin afdalen!’

‘Mij niet gezien!’ bromt de aannemer. ‘U weet toch net zo goed als ik dat de laatste kasteelheer die verdomde gang bevolkt heeft met slangen, padden en hagedissen voordat hij dichtgemetseld werd? Nee hoor, mij krijgt u dat gat niet in!’

De haveloze jongeman die schijnbaar diep zat te slapen, is plotseling wakker geworden. Er speelt een geheimzinnig lachje om zijn lippen als hij zich met het kistje in zijn handen tot de notaris en de aannemer richt.

‘Verontschuldig mij, heren, maar ik heb onwillekeurig jullie gesprek gevolgd… en padden of hagedissen maken mij niet bang! Als onze vriend hier niet in uw onderaardse gang durft af te dalen, meneer de notaris, dan doe ik dat wel voor u!’

‘Waanzin!’ gromt de aannemer. ‘Het is niet pluis in die gang! Het ongedierte heeft zich daar ongestoord kunnen voortplanten en…’

De jonge kerel schenkt geen aandacht aan de man. Met plechtige gebaren heeft hij zijn kistje geopend. Er zit een viool in.

‘Wie mijn muziek hoort, kan mij geen kwaad doen,’ fluistert hij. ‘Zelfs monsterachtig wilde dieren leggen zich braaf aan mijn voeten neer, wanneer ik deze viool bespeel…’

Nauwelijks is de jonge muzikant in de duistere konijnenpijp afgedaald, of er weerklinkt zo’n mooie muziek dat zelfs de notaris erdoor wordt ontroerd. Naargelang de jongen zich echter verder waagt, sterven de onderaardse tonen uit. De notaris, de waard en de aannemer leggen hun oor tegen de grond om hem nog te kunnen horen – heel erg zwakjes, nu… Zo volgen ze de muzikant tot één derde van de weg is afgelegd.

Bij de beek houdt de muziek eensklaps op. Er valt een doodse stilte… De notaris, de waard en de aannemer durven elkaar niet aan te kijken en geen van hen durft zich ook in de gang te wagen om te zien wat er met de arme jongen is gebeurd. De aannemer metselt het gat terug dicht en bedelft het onder een hoop zand. Wat er ook in de onderaardse geheime gangen huist, het is maar beter dat het nooit of nooit meer aan de oppervlakte komt.

Sindsdien vertelt de notaris aan eenieder die het horen wil hoe hij tijdens stille nachten nog steeds het ongedierte kan horen knagen aan de fundamenten van zijn huis, waar de geheime gangen onderdoor lopen.

‘Ik kan ze ook horen knagen,’ fluistert hij met rollende ogen, ‘aan het gebeente van die overmoedige straatmuzikant, die met huid en haar werd verslonden…’

Weten zij veel dat de straatmuzikant in die donkere ondergrondse spelonken niet alleen een reusachtige hoop zilver en goud heeft aangetroffen, maar ook een tweede uitgang. Nog altijd zwerft hij als straatmuzikant van dorp tot dorp, maar armoe hoeft hij niet langer te lijden.

En dat monsterachtige ongedierte dan? zul je vragen. Ach, dat is waarschijnlijk lang voor hij afdaalde, uit de onderaardse geheime gangen gevlucht of erin gestorven… Als het al ooit écht heeft bestaan, natuurlijk.

Rate this Article:

Rating: 4.5/5 (2 votes cast)

Source: Magische Muziek
  • Nothing Found!

    Why not submit your own content? Signup here.


* You must be logged in order to leave comments, please login or join us.

Comments

No comments yet.



Bookmark and Share
Sign up for our email newsletter
Name:
Email: